zondag 14 november 2010

Keuterboertjesromantiek (nrc.next 10.11.2010)

Ik was er helemaal klaar voor. 350 woorden lang gehakt maken van dat Greenpeace schorriemorrie dat zich weer eens aan de treinrails had geketend omdat er een kernafvaltransport langs zou komen. En dan de dinsdag-nrc.next op de mat met jawel, een column waarin ons aller hoofdredacteur Rob Wijnberg zich onder de geketenden schaart. Kernenergie is volgens hem het slechtst denkbare alternatief dat voor olie bestaat.

Keuterboertjesromantiek. Dat moet de oorzaak zijn. In de groene droom is er geen plaats voor reactoren en koeltorens, maar draait alles op lieve energie, van de zon, de wind en het water. Wijnberg jubelt: Exit Nuon, Exit Shell (u weet wel, die bedrijven die ons land kapotmaken). Iedereen zijn eigen energieleverancier, iedereen keuterboer!

Het is romantiek, idealisme. Er kan geen andere verklaring zijn om een schone goedkope energiebron volledig te verwerpen. Kernenergie kan uitstekend functioneren naast wind- en zonne-energie als betrouwbare back-up in de energiemix (voor als het niet waait, of de zon niet schijnt). Bijna de helft van de uranium komt uit stabiele landen als Canada en Australië. En met nieuwe technologie is er steeds minder uranium nodig per kilowattuur.

De realiteit is dat kernenergie op dit moment als enige energiebron betaalbare stroom kan leveren aan een heel land. En ja, voor de bouw van een kerncentrale is een investering van de overheid nodig, net als met zonnecellen, net als met een windmolen. Daarna is kernenergie rendabel en goedkoop, en hoeft in tegenstelling tot wind- en zonne-energie, niet elke kilowattuur te worden gesubsidieerd om te kunnen concurreren.

En natuurlijk zijn er nog meer haken en ogen. Kernafval bijvoorbeeld. Maar veel meer nadelen dan andere alternatieve energiebronnen heeft kernenergie niet. Er zijn bijvoorbeeld ook bijzonder weinig realistische voorstellen voor de opslag van zonne-energie. Of het rendabel maken van windenergie. Was dat ooit een reden voor een moratorium?

Gooi de ketenen af, Rob. Kernenergie zal een belangrijke rol spelen in de energiemix van de toekomst, omdat het schoon en goedkoop is. Maar ook vooral omdat dit kabinet eindelijk geen last meer heeft van romantische dromen, maar wel van een flinke dosis realiteitszin.

woensdag 13 oktober 2010

Topvrouwen (NRC Handelsblad 13 oktober 2010)

(column over hetzelfde onderwerp: zie vorig blogje)

Het maakt Rutte niet uit welk etniciteit je hebt, welk geloof,welk geslacht, of welke seksualiteit. Het enige wat telt is of je een goed bestuurder bent, dan mag je minister worden. In woord en daad stapt dit kabinet af van het diversiteitbeleid bij het kiezen van bewindslieden. Na 10 jaar voortrekken en discrimineren, wordt in dit kabinet weer alleen maar geselecteerd op kwaliteit, en niet op kenmerken waar je toch niets aan kunt veranderen.

En dat leidt tot een kabinet met minder vrouwen dan in voorgaande jaren. 3 van de 12 ministers en 1 van de 8 staatssecretarissen is vrouw. Reden voor Cisca Dresselhuys om dit kabinet ‘middeleeuws’ te noemen. Reden voor Margriet van der Linden om haar eigen Opzij-vrouwenkabinet op te stellen (als dat kabinet daadwerkelijk geïnstalleerd zou worden zou de top van het bedrijfsleven een aanzienlijke leegloop van vrouwen te betreuren hebben.) En reden voor Neelie Kroes om maar weer eens een quotum voor te stellen. Als Eurocommissaris bestreed ze hartstochtelijk oneerlijke concurrentie, maar als het tussen mannen en vrouwen gaat is diezelfde oneerlijke concurrentie blijkbaar gerechtvaardigd.

Objectief bekeken heeft Rutte een uitstekende score behaalt op vrouwengebied. Annemarie Jorritsma mag dan wel zeggen dat de helft van de Nederlanders vrouw is, en dat dat in het kabinet dus ook zo moet zijn, ze vergeet dat maar een miniem percentage van die vrouwen ook daadwerkelijk een fulltime baan heeft. En die fulltime baan is wel nodig. In drie of vier dagen per week is het onmogelijk om je concurrenten voor een promotie te verslaan. 19% van alle Nederlandse voltijdbanen wordt ingevuld door een vrouw. 25% vrouwelijke ministers is dus een ruime representatie van de Nederlandse beroepsbevolking waaruit die ministers voortkomen.

Deze cijfers doen onze woeste feministen echter niets. Na jarenlange strijd voor gelijke rechten (daarvoor ben ik ze buitengewoon dankbaar) hebben ze een nieuw dogma: de praktische gelijkheid, gelijkheid voor de wet is niet meer genoeg. 40% vrouwen in het kabinet en in de top van Nederland, dan pas is de emancipatie compleet. Het is nadrukkelijk niet de bedoeling dat vrouwen met al hun verworven vrijheden besluiten om thuis te blijven. Het kan niet zijn dat de vrouwenbeweging al die jaren heeft gevochten voor een stelletje halve huisvrouwen.

Dus concluderen de feministen dat vrouwen uit onvrede thuiszitten. Dat ze worden tegengehouden door tal van zaken. Bijvoorbeeld door een moederschapsculptuur waarin fulltime werkende moeders met de nek worden aangekeken. Door mysterieuze mannenkartels die elkaar de baantjes toeschuiven. Door te dure kinderopvang. Er is nieuwe strijd om te bevechten: Als vrouwen niet op eigen kracht in een kabinet of een raad van bestuur komen, dan moeten er met harde hand plekken worden vrijgemaakt door middel van quota of streefcijfers. Een soort invalidenparkeerplaatsen, spek-en-bonen ministers.

Maar de excuses voor al die deeltijdwerkers zijn discutabel. Het bestaan van zo’n mannennetwerk lijkt bijvoorbeeld hoogst onwaarschijnlijk. Er zijn geen massa’s vrouwen die met hun hoofd tegen het glazen plafond bonken, het lijkt maar om een enkeling te gaan die daadwerkelijk onterecht wordt gepasseerd. Een goed voorbeeld is Noorwegen, waar het mannennetwerk toch zo langzamerhand wel doorbroken zou moeten zijn met een quotum van 40%. Daar staan geen honderden topvrouwen te wachten tot ze een functie kunnen bekleden. Een handjevol vrouwen laadt hun karretje vol met zoveel mogelijk commissariaten die voor al die onvindbare topvrouwen bedoeld waren.

Ook de moeizame kinderopvang houdt de vrouw niet thuis. Sinds 2005 heeft de wet kinderopvang gezorgd voor een grote stijging in het aanbod van goede betaalbare crèches. Het enige wat dat tot gevolg heeft gehad is dat er meer vrouwen zijn gaan werken in die crèches, daarnaast heeft het het aantal uren dat vrouwen gemiddeld werken niet verhoogd.

Ik heb een heel andere verklaring voor het gebrek aan topvrouwen voor ministerposten en dat is het gebrek aan algemene vrouwelijke ambitie. Decennia van emancipatie hebben er niet toe geleid dat vrouwen net als mannen zijn geworden. 75% van de werkende vrouwen heeft een deeltijdbaan, tegenover 10% van de mannen. Vrouwen geven aan dat een optimale werkweek tussen de 20-27 uur duurt, dat is problematisch als je een ministerie wilt besturen. Vrouwen zorgen nog steeds vaker voor de kinderen en doen meer in het huishouden. En het allerergste is dat ze niet bevrijd willen worden. Vrouwen geven in onderzoeken massaal aan tevreden over die verschillen te zijn.

Maar dat is niet alles. Er is nog een laatste argument voor meer vrouwelijke ministers. Sommige mensen beweren dat meer vrouwen in een team tot betere prestaties leidt, dus dat Rutte alleen al voor de kwaliteit van het kabinet meer vrouwen had moeten charteren. Toch is hiervoor ook geen sluitend bewijs te vinden. Er is inderdaad een correlatie tussen percentage vrouwen in de raad van bestuur en het succes van een bedrijf. Maar het lijkt erop dat de causaliteit tussen die twee andersom ligt: dat succesvolle bedrijven meer ruimte, tijd en geld hebben om aan diversiteitenbeleid te doen. Net als dat deze bedrijven meer aan goede doelen geven, milieuvriendelijker zijn, meer personeelsfeestjes geven. Zodra de crisis toeslaat is het over met het vrouwenbeleid. Dan heeft men de luxe niet meer om uitgebreid te gaan zoeken naar die onvindbare topvrouw.

Nederland is er collectief bij gebaat als vrouwen meer en langer gaan werken. Een hogere arbeidsparticipatie is heel belangrijk voor de economie en de Nederlandse vrouwen zijn over het algemeen een uiterst capabel en hoog opgeleide groep. Maar stel dat het zo is, dat vrouwen echt wel carrière kunnen maken, maar dat ze gewoonweg hun huis, hun kinderen en hun deeltijdbanen verkiezen boven de dienstauto en de ministerraad. Dan zijn die streefcijfers voor vrouwelijke bewindslieden van de afgelopen tien jaar alleen maar een grove discriminatie geweest van misschien wel competentere en geschiktere mannen, die alleen om hun geslacht werden afgewezen. Het is uitstekend dat Rutte daar een eind aan maakt.

Topvrouwen (nrc.next 13 oktober 2010)

Alleen al het feit dat je ze kunt opnoemen. Dat vrouwen als Trude Maas en Sybilla Dekker tegen Rutte kunnen jammeren: ‘En die bijvoorbeeld? En die, en die dan?’ Het is treurig maar waarschijnlijk: er zijn zo weinig topvrouwen in Nederland dat als het voorgestelde Opzij-vrouwenkabinet daadwerkelijk geïnstalleerd zou worden, we in 2011 teleurgesteld moeten concluderen dat er minder vrouwen buiten het kabinet aan de top meedraaien. Dat handjevol kan nu eenmaal niet op twee plaatsen tegelijk zijn.


Dat er meer topvrouwen moeten komen, lijkt voor sommige van deze broodfeministen net zo logisch als dat genocide slecht is, of welvaart goed. Nu man en vrouw voor de wet volstrekt gelijk zijn, is er een nieuw feministisch dogma ontstaan: zolang er geen gelijk aantal vrouwelijke topbestuurders zijn, is de emancipatie onvoltooid. Dus als vrouwen zelf niet naar de top komen, dan moeten er met harde hand maar plekken in die top worden vrijgemaakt. Neelie ‘proud to be quoted’ Kroes stelt als vanzelfsprekend een quotum voor. Een soort invalidenparkeerplaatsen, spek-en-bonenministers. En dat terwijl het objectief bekeken heus geen slechte score is die Rutte I behaalt. Dan mag Annemarie Jorritsma wel kwaken dat de helft van de Nederlanders vrouw is, en dat dat in het kabinet dus ook zo moet zijn. Maar 19 procent van alle voltijdbanen in Nederland wordt ingevuld door een vrouw. Een gemiddelde vrouwelijke werknemer brengt op woensdag lekker haar kind naar de gesubsidieerde crèche om een potje te tennissen. 25 procent vrouwelijke ministers in Rutte I is meer dan een goede representatie van de Nederlandse beroepsbevolking.

Tien jaar lang hebben we nu voortrekkersbeleid gevoerd in het kabinet, de bekendste bestuurskamer van het land. In 2008 was eenderde van de Nederlandse ministers vrouw en 45 procent van de staatssecretarissen. En heel misschien zou de openlijke positieve discriminatie die voor zo’n streefcijfer nodig is, nog enigszins te rechtvaardigen zijn als hierdoor ook meer Nederlandse vrouwen voltijd zouden gaan werken en daarmee de economie zouden steunen. Maar het voortrekkersbeleid is volkomen succesloos gebleven. Zelfs nu de deur wagenwijd openstaat blijven vrouwen liever achter het aanrecht. Het zij zo.

dinsdag 12 oktober 2010

Spelletje (11.10.2010 nrc.next)

Een klein spelletje, voor de gezelligheid. Hieronder zes opmerkingen. Één daarvan was strafbaar. Welke?

1 ‘O God, bezorg Van Gogh een ziekte die door alle bewoners van de aarde niet kan worden genezen." En: "O God, verblind het zicht van Ayaan Hirsi Ali zoals u haar hart hebt verblind, O God verblind haar zicht, O God bezorg haar hersenen een kanker. O God, bezorg haar een tongkanker.’ (Imam Fawaz Jneid, 2004, aantal weken voor de moord op van Gogh.)

2 ‘Op de dag dat Frankrijk niet 5 miljoen, maar 25 miljoen moslims telt, zullen de moslims de baas zijn. De Fransen zullen zich klein maken om zich te verbergen en niet op de stoep, maar met neergeslagen blik op straat gaan lopen. En als zij met opgeheven hoofd op de stoep blijven lopen, krijgen ze te horen: ‘Wat bezielt jou om mij zo rechtuit aan te kijken? Zoek je soms ruzie? Maak dat je wegkomt, anders krijg je een opdonder.’ (Jean-Marie le Pen, 2003)

4 ‘Homoseksualiteit blijft niet beperkt tot de mensen die deze ziekte hebben, maar het kan zich kan verspreiden. (…) dan kan iedereen besmet raken. Daar zijn we bang voor’ (Imam el Amoumni, 2001)

5 (Over homoseksuelen) ‘Ibn Abbes zei: men zoekt de hoogste constructie, waarvan men ze vanaf het terras met het hoofd naar beneden gooit, vervolgens doodt men ze met stenen’ (uit het boek ‘de weg van de moslim’)

6 ‘Ja’ (antwoordt Abduljabbar van der Ven op de vraag of hij Geert Wilders dood wenst)

Het juiste antwoord? 2, alleen le Pen werd veroordeeld, ook bij het Europees hof. Hij vergat zijn woorden te bidden, hij vergat het te wensen in plaats van te willen, hij vergat zijn uitspraken in een religieuze context te plaatsen. Dom natuurlijk. Fawaz Jneid is nooit van zijn bed gelicht. Als je je haatzaaierij tot God prevelt, heb je niets te vrezen.

En dan nu de bonusvraag

‘Ik heb genoeg van de islam in Nederland; geen moslimimmigrant er meer bij. Ik heb genoeg van de Koran in Nederland: verbied dat fascistische boek. Genoeg is genoeg’. (Geert Wilders, 2007)

Nog één keer raden. Wat denkt u? Strafbaar?

Israel (nrc.next 6.10.2010)

De burgemeesters van Westbank-nederzettingen zijn niet welkom bij de tour door de Nederlandse gemeenten. En terecht. De nederzettingen zijn illegaal en vormen een direct opstakel op de weg naar eentwee staten oplossing. En in Nederland kletsen we niet alleen over onze internationale waarden, we handelen er ook naar.

Eigenlijk handelen we met twee standaarden. Er zijn landen als Canada, Australië, en de EU: welvarend, democratisch, hoogopgeleid, ze lijken min of meer op ons. Hun lot trekken we ons meer aan. Maar we stellen ook hogere eisen. Elke misstap op het gebied van mensenrechten en minderhedenbeleid valt op.

En dan zijn er landen als Turkije, Rusland, Indonesië. Een aanslag in Ankara trekken we ons minder aan, het staat verder van ons bed. Maar we verwachten ook minder ‘goed westers gedrag’ en zien vooral de lichtpuntjes tussen de overdaad aan mensenrechtenschendingen. Een voorbeeld: de burgerslachtoffers die Turkije maakt tijdens aanvallen op Koerdische dorpen halen de voorpagina niet. De langverwachte grondwetsvernieuwing wel.

Israël behoort vaak tot categorie 1, de Palestijnen tot categorie 2. Zowel Israël als de Palestijnen begingen oorlogsmisdaden tijdens de Gaza-oorlog volgens de VN, maar we rekenen dat Israël meer aan. Hamas executeert systematisch politieke tegenstanders, maar wij wijzen erop dat Palestijnse gevangenen in Israël geen familiebezoek mogen ontvangen. Van een democratische rechtstaat verwachten we gewoon meer.

Toch verdwijnt die westerse meetlat onmiddellijk nu Israël weer wordt aangevallen. Sinds de vredesbesprekingen zijn hervat landden er tientallen Qassam raketten en mortiergranaten op Israël. En die mogen dan wel zelden hun doel raken, de dreiging is groot. Toch blijft de ophef uit.

Dat Nederland de nederzettingen in woord en daad afkeurt is duidelijk en terecht. De vraag is nu hoe Israël volgens de westerse waarden moet reageren op de beschietingen? Moeten ze achteroverleunen? Incasseren? Extra ontwikkelingsgeld sturen? De grenzen verder openen? Of is het dan toch toegestaan om terug te schieten? Maar dan misschien niet zo precies? Het is tijd voor een antwoord, en dit keer bij voorkeur voordat Israël weer orde op zaken moet gaan stellen en de westerse wereld wederom in verbijstering achter zich moet laten.

woensdag 29 september 2010

Europa (nrc.next 29.09.2010)

‘Maar we krijgen er zoveel voor terug.’ Dat is de reflex, dat is het standaard Brusselse antwoord. Nederland is de op één na grootste betaler van de Europese Unie. Maar daar moet men niet over klagen, want de opbrengsten zijn enorm.

Europese samenwerking levert ons bedrijfsleven inderdaad een aantal zeer concrete voordelen op, maar een interne markt bestaat ook zonder die jaarlijks bijdrage van 2 miljard euro. Die gaat namelijk voor 80% naar Europese solidariteit: structuurfondsen voor welvaartsgelijkheid en landbouwsubsidies. Op een enkel Drents fietspad na, ziet Nederland daar nauwelijks wat van terug.

Toch moeten we meer gaan bijdragen. Althans, dat wil de Europese Commissie. Tegen elke denkbare economische tendens in, wilden zij de Europese begroting dit jaar met 6% laten stijgen. De Europese Raad wist dat enthousiasme iets te temperen naar 3% maar als het aan het parlement ligt wordt dat waarschijnlijk niet lager. Het ondenkbare wordt realiteit: terwijl elke lidstaat pijnlijke bezuinigingen bij zijn boze bevolking probeert goed te praten, gaat de Europese expansie rustig door.

Europa lijkt niet te kunnen remmen. Europese politici lijken niet in staat zijn om weerstand te bieden aan die standaard politieke reflex van altijd maar méér geld nodig hebben voor meer regels, meer lidstaten en meer subsidies. En ook al is het doel van al die Europese regels vaak ontastbaar, of vaag of idealistisch, toch lijkt men in Brussel ervan overtuigd dat bezuinigingen altijd onwenselijk zijn. Achteruitgang. Zonde.

Het nieuwste wapen om niet te hoeven bezuinigen wordt deze maand gepresenteerd: de Eurobelasting. Want als de lidstaten niet extra willen betalen, dan vindt een beetje eurocommissaris het gerechtvaardigd om de euro’s dan maar bij de burger zelf te komen halen. Wel zo makkelijk: burgers bijten zich namelijk niet vast in moeizame onderhandelingen. Ze bedingen geen kortingen, Europese belastingbetalers demonstreren doorgaans nauwelijks. Sterker nog, 65 procent weet niet eens de weg naar het Europese stemhokje te vinden. En wie toch klaagt die bijten we gewoon toe hoe weinig ze er allemaal niet van snappen, hoe kleinburgerlijk ze zijn, en vooral hoe ze, zonder dat ze het weten, er zo ontzettend veel voor terug krijgen. Dat werkt altijd.

woensdag 22 september 2010

Israel (nrc.next 22 september)

De burgemeesters van Westbank-nederzettingen zijn niet welkom bij de tour door de Nederlandse gemeenten. En terecht. De nederzettingen zijn illegaal en vormen een direct opstakel op de weg naar eentwee staten oplossing. En in Nederland kletsen we niet alleen over onze internationale waarden, we handelen er ook naar.

Eigenlijk handelen we met twee standaarden. Er zijn landen als Canada, Australië, en de EU: welvarend, democratisch, hoogopgeleid, ze lijken min of meer op ons. Hun lot trekken we ons meer aan. Maar we stellen ook hogere eisen. Elke misstap op het gebied van mensenrechten en minderhedenbeleid valt op.

En dan zijn er landen als Turkije, Rusland, Indonesië. Een aanslag in Ankara trekken we ons minder aan, het staat verder van ons bed. Maar we verwachten ook minder ‘goed westers gedrag’ en zien vooral de lichtpuntjes tussen de overdaad aan mensenrechtenschendingen.

Israël behoort vaak tot categorie 1, de Palestijnen tot categorie 2. Zowel Israël als de Palestijnen begingen oorlogsmisdaden tijdens de Gaza-oorlog volgens de VN, maar we rekenen dat Israël meer aan. Hamas executeert systematisch politieke tegenstanders, maar wij wijzen erop dat Palestijnse gevangenen in Israël geen familiebezoek mogen ontvangen. Van een democratische rechtstaat verwachten we gewoon meer.

Toch verdwijnt die westerse meetlat onmiddellijk nu Israël weer wordt aangevallen. Sinds de vredesbesprekingen zijn hervat landden er tientallen Qassam raketten en mortiergranaten op Israël. En die mogen dan wel zelden hun doel raken, de dreiging is groot. Toch blijft de ophef uit.

Dat Nederland de nederzettingen in woord en daad afkeurt is duidelijk en terecht. De vraag is nu hoe Israël volgens de westerse waarden moet reageren op de beschietingen? Moeten ze achteroverleunen? Incasseren? Extra ontwikkelingsgeld sturen? De grenzen verder openen? Of is het dan toch toegestaan om terug te schieten? Maar dan misschien niet zo precies? Het is tijd voor een antwoord, en dit keer bij voorkeur voordat Israël weer orde op zaken moet gaan stellen en de westerse wereld wederom in verbijstering achter zich moet laten.

woensdag 15 september 2010

Post (nrc.next 15 september 2010)

Weinig pathetischer dan de laatste stuiptrekkingen van de traditionele postmarkt. Postbodes ken ik alleen nog als verongelijkte mannen die dapper strijden tegen hun onafwendbare lot. Afgelopen zondag stopte de protestmars voor het grote centrale postkantoor op de Coolsingel, dat al jaren leegstaat. Daar stonden ze dan met hun megafoons voor de dichte deuren. Als een groep mijnwerkers die eist dat de mijnen weer opengaan. De scharensliepen die hun banen terug eisen.

TNT zoekt ondertussen wanhopig naar een bedrijf aan wie ze dat afstervende ledemaat kunnen slijten. Maar niemand zit te wachten op 15.000 onopgeleide overbetaalde stakkers die binnen tien jaar alleen nog de kerstkaartjes van oma hoeven rond te brengen.

Ooit was de post van groot belang voor Nederland: in een democratie moeten burgers in staat worden gesteld om door correspondentie vrij informatie te vergaren. De postwet verzekerde daarom dat het briefgeheim gegarandeerd werd en er zes dagen in de week zou worden bezorgd.

Maar de huidige functie van die zesdaagse bezorging ontgaat me volledig. Weinig dingen vind ik irritanter dan post. Ik verafschuw elke instantie die me een brief stuurt. Wat moet ik met een ANWB-lidmaatschapnummer op een stuk papier of een brief over de veranderingen binnen ABN Amro? Ik wil geen stapels correspondentie meer, ik wil geen mappen vol administratie waar geen zoekbalkje boven staat. En ik wil nooit maar dan ook nooit meer een brief hoeven te versturen. Ik wil nooit meer dat intense gevoel van incompetentie als ik na een week nog steeds niet de juiste envelop, postzegel, adres en uitgeprinte brief bijeen heb. Ik wil nooit meer twijfelen of een envelop misschien meer weegt dan 20 gram. Of of hij wel aankomt. Ik wil gewoon op ‘send’ drukken. Nu.

Vandaag kondigen de vakbonden aan dat ‘de handschoenen uitgaan’, dat er poststakingen zullen volgen. En ik kan alleen maar denken: staak maar! Lang en wijdverspreid! Maak de post maar onbetrouwbaarder, moeilijker, duurder. Dan zullen al die vervloekte instanties die mij nog post sturen, misschien eindelijk inzien dat email ieders leven makkelijker maakt.

woensdag 8 september 2010

Baardentrekken (7 september 2010 nrc.next)

Elsevier-columnist Bart Jan Spruyt is zo’n opiniemaker. Iemand met een overactieve bullshit detector. Zo’n columnist die denkt dat politici altijd een geheime agenda erop nahouden. Altijd toneel spelen. Nooit de waarheid zeggen.

Een voorbeeld. Vlak na de verkiezingen laat Rutte weten dat een kabinet met PVV en CDA zijn voorkeur heeft. Meerdere malen zegt hij dit, luid en duidelijk, heldere taal. Maar de rechtse optie mislukt in eerste instantie door tegenwerking van het CDA. Onvermijdelijke onderhandelingen over Paars Plus beginnen.

Wat schrijft Spruyt in zijn Elsevier-column? ‘Rutte heeft rechtse kiezer in de val van de sociaal-liberale stagnatie gelokt’. Jaja, dames en heren, u had het allemaal niet door, maar Bart Jan Spruyt gelukkig wel. Rutte is stiekem links! Rutte hoort bij clubje Dijkstal! Rutte heeft de kiezer voorgelogen met zijn rechtse verkiezingsretoriek! Zodra hij het formatie-initiatief in handen krijgt holt hij naar zijn vrienden op links!

Extra gênant is het als een paar dagen na het verschijnen van de Elsevier, Rutte de stekker uit Paars Plus trekt en Cohen en consorten in de kou laat staan. Spruyt had blijkbaar geen rekening gehouden met die piepkleine kans dat als een politicus iets beweert, dat ook wel eens gewoon waar kan zijn.

Geen reden voor Bart Jan om te stoppen met zijn ontmaskerings-queeste. Maandag trok hij Geert Wilders weer eens stevig aan de baard. Jaja, die Wilders mag dan al wel een jaar lang beweren dat hij graag wil meeonderhandelen. Eigenlijk wil hij dat helemaal niet. Eigenlijk wil hij gewoon groot worden in de oppositie. Ja, het is u vast ook ontgaan, maar Geert Wilders heeft wekenlang met tegenzin aan de onderhandelingstafel gezeten. Gelukkig had Bart Jan Spruyt dat wél door.

En wat blijkt, Wilders zegt heel hard au! maar zijn baard blijft stevig zitten: dinsdag spoedt hij zich terug naar de onderhandelingstafel. Weer fout. Weer een mislukte ontmaskering, Misschien is het beter als Bart Jan Spruyt zich met minder falsifieerbare theorieën gaat bezighouden. Of als hij de sensitiviteit van zijn bullshit-detector iets bijstelt. Het zal zijn geloofwaardigheid goed doen.

dinsdag 31 augustus 2010

Nachtmerrie (nrc.next 1.9.2010)

Mijn grootste wetenschappelijke nachtmerrie is de invloed van willekeur op mijn resultaten. Dat alle verschijnselen die ik heb gemeten geen interessante eigenschappen van bacteriën zijn, maar gewoon stom toeval. Stom toeval waarin ik een jaar lang dacht een patroon te herkennen.

Ik stel me voor hoe het koude zweet me uit zou uitbreken als ik voor de vijfde keer door de microscoop kijk en mijn ontdekking ineens weg is. Omdat ik toevallig vier keer een blauwe M&M uit het pak had gepakt en daar onterecht conclusies aan had verbonden. Dat er geen theorie bestaat, geen logica, geen patroon.

Ik vermoed dat dat ook de collectieve nachtmerrie van het internationale klimaatpanel is. Het IAC, een commissie die onderzoek deed naar het functioneren van het klimaatpanel, vindt dat er een duidelijke waarschijnlijkheidsschaal moet worden gehanteerd voor alle voorspellingen. Er moet overal genoteerd worden wat de kans is dat hun nachtmerrie werkelijkheid wordt: dat de correlaties tussen broeikasgassen en temperatuur niet bestaat.

In het rapport van 2007 werd hier en daar die kansberekening al gegeven: de opwarming van de aarde is zo goed als zeker. Maar de kans dat de mens schuldig is aan die opwarming is ongeveer 90%.

Ik probeer me weleens voor te stellen wat er zou gebeuren als die nachtmerrie uitkomt: die 10% kans dat ook het klimaat volstrekt arbitrair is zonder enkele invloed van de mens. Het zou een verschrikkelijke inconvenient truth zijn. Alles voor niks: het afvangen en ondergronds opslaan van CO2, de markt voor CO2-emissie rechten, de klimaatambtenaren, de emissie richtlijnen, Kyoto, Kopenhagen, Al Gore’s Nobelprijs voor de vrede.

En dan al die klimaatwetenschappers die bij elkaar honderd jaar verwoed patronen hebben geprobeerd te herkennen in een volstrekt willekeurig grafiekje. Dat er geen logica is, alleen maar ruis. Ik word al misselijk van het idee. Laat die waarschijnlijkheidsschaal maar zitten. Mocht de correlatie niet kloppen, maak mij dan maar wijs dat een eventuele afkoeling het succesvolle resultaat is van onze vereende krachten om de emissie terug te dringen. Alles beter dan de waarheid over de verschrikkelijke willekeur.

maandag 30 augustus 2010

Kamernood (nrc.next 18 augustus 2010)

De hospiteeravonden tijdens de introductiedagen van Leiden waren de meest pathetische van het jaar. Veertig zwetende eerstejaars in onze woonkamer stonden krampachtig hun best te doen, zich verbazend over de kerstverlichting die er nog hing, of de verzameling pizzadozen op de grond. Soms vroegen dronken huisgenoten aan de woningzoekenden om een aardbei na te doen. Of om een lied naar keuze te zingen in onze Idols-competitie. Soms keken een aantal hospitanten aan de deur al zo ongeschikt uit hun ogen, dat we ze vertelden dat ze zich in het adres hadden vergist. Dat ze bij de buren moesten zijn.

Nee, vriendelijk waren we niet. Maar de kans op een kamer was tijdens die avonden ook buitengewoon klein. Kamernood zorgt voor een eerste levensles. Tot het eindexamen was er altijd genoeg van alles: genoeg bankjes en stoeltjes op school, genoeg eten, altijd een bed dat klaarstond, altijd een plekje in de auto voor de vakantie naar Zuid Frankrijk. Na je eindexamen kom je voor het eerst in aanraking met een schaars goed: kamers. Hier vindt een eerste schifting plaats. Hier splitst een jaargang zich in mensen die gewoon huisvesting voor zichzelf regelen, en mensen die zich beklagen over de schrijnende kamernood.

Terwijl de kamernood helemaal niet schrijnend is, als je je strategie maar goed kiest. Vergelijk het met een uitpuilende treincoupé in de spits. Er zijn drie mogelijkheden: wurm je ertussen, oftewel: neem genoegen met een mini-kamer. Neem een andere trein, oftewel: ga buiten het centrum wonen. Of koop een eersteklas kaartje en betaal je een aantal maanden blauw aan de huur. In alle gevallen wordt het na de spits beter. In de winter is er altijd plaats om door te schuiven in studentensteden. In de winter zijn de studentenhuizen blij met elke hospitant die ze kunnen krijgen. Dan hoef je waarschijnlijk geen aardbei na te doen.

Maar er is ook altijd een groep mensen die hoofdschuddend voor de uitpuilende coupé blijven staan. Mensen die onze overvolle woonkamer in augustus niet proberen te vermijden maar als voorbeeld gebruiken voor de ernst van hun problemen. Dat is dan de eerste schifting. Kamernood is er alleen voor degene die dat wil.

Huisje stelen (nrc.next 25 augustus 2010)

Eberhard van der Laan voelt zich als een vis in het water, daar in Amsterdam. Net op tijd is hij weggevlucht uit dat naar rechts gerukte Den Haag. Nooit meer hoeft hij zich te conformeren aan provinciale coalitiepartners met provinciale gedachtes. Nooit meer geïnterrumpeerd worden door de zoveelste zachte ‘G’.

Als burgemeester van Amsterdam mag hij eindelijk weer baden in de waarden van weleer. Ouderwetse solidariteit. Subsidie voor alles en iedereen. Onveiligheid is een gevoel. Als Amsterdammers het voor het zeggen hadden gehad in Den Haag, was GroenLinks even groot geworden als het CDA en de PVV bij elkaar.

De nieuwe burgemeester maakt zich lokaal dus ook buitengewoon populair door nu te weigeren het kraakverbod uit te voeren. Er bestaat in Nederland al bijna een decennium een kamermeerderheid voor een kraakverbod, maar Eberhard trekt zich daar, namens Amsterdam, niets van aan. Dan mag er in de rest van Nederland wel een rechtse wind waaien, Amsterdam blijft Amsterdam. En in Amsterdam wordt ook dit linkse pareltje uit de jaren zestig zorgvuldig geconserveerd.

Sterker nog, uit solidariteit met de krakers gaat de gemeente nu zelf ook een potje ‘huisje stelen’. Althans, dat is waar de recente jacht op de Amsterdamse pied-à-terre aan doet denken. PvdA wethouder Freek van Ossen vindt het gerechtvaardigd om eigenaren die zich niet inschrijven en niet vaak genoeg logeren in hun tweede huis, te verplichten om dat huis beschikbaar te stellen voor sociale huur. Waar krakers nog een jaar leegstand af moeten wachten, is dat voor de gemeente Amsterdam geen voorwaarde. Ook al logeert de eigenaar maar een paar nachten per maand in zijn huis, bijvoorbeeld als hij heeft overgewerkt, of vroeg weer op kantoor moet zijn, dan nog vindt de gemeente dat iemand zonder baan meer recht heeft op dat huis dan de eigenaar zelf.

De rest van Nederland vindt dat niet. De rest van Nederland vindt het tijd dat Nederlandse huiseigenaren, waar ze ook wonen, beschermd worden tegen krakers. Dat Amsterdam het kraakverbod niet alleen opzij schuift, maar ook zelf huiseigenaren gaat opjagen, bewijst dat onze hoofdstad hopeloos achterloopt. En Eberhard snel op de vingers moet worden getikt.

woensdag 11 augustus 2010

Respect for all (11.8.2010 nrc.next)

Soms is de meest voor de hand liggende opvatting dus niet de correcte. Een gigantische moskee (pardon, Islamitisch centrum) op minder dan 200 meter van Ground Zero is dus NIET bedoeld als een hele dikke middelvinger naar New York. Het is GEEN Arc de Triomf, en ook als Bin Laden op Al Jazeera verschijnt om de organisatie te feliciteren is het nadrukkelijk NIET de bedoeling dat er zo gedacht wordt.

Nee, als je net zolang je ogen dichtknijpt, totdat je gekleurde sterretjes gaat zien, en dan nog eens kijkt, dan zie je wat je hoort te zien. Juist ja. Die moskee is een teken van verbroedering en respect. De nabijheid van Ground Zero maakt het alleen maar nog betekenisvoller. Met een beetje verbeelding kunt u zelfs volgen wat er op de website staat: "this proposed project is about promoting integration, tolerance of difference and community cohesion through arts and culture. (…) a center guided by Islamic values in their truest form - compassion, generosity, and respect for all."

Het klinkt alleraardigst. En de initiatiefnemers zijn gematigde aaibare moslims, die absoluut geen triomfmonument bouwen. Maar alleen al om het feit dat het niet zo moeilijk is om het centrum verkeerd op te vatten, is het een slecht idee, een smakeloos plan. Een gigamoskee naast Ground Zero bouwen is een Sapph lingerie billboard tegenover een kerk hangen. Het is de Gay Parade in Slotervaart, het is een marathon homo-trouwdag in Staphorst. Het is een Duitser die in 1947 een krans komt leggen bij de dodenherdenking. Ook al had die Duitser niets te maken met de nazi’s, het is nog steeds provocerend, het is blind. Een minachting van de lokale gevoelens. Hoe geloofwaardig ben je, als je onder het mom van tolerantie en respect, je godsdienstvrijheid koste wat kost moet opeisen waar dat het allerpijnlijkst is?

Natuurlijk moet je de bouw niet verbieden. Gevoelens mogen nooit een argument voor vrijheidsbeperking zijn. Je kan alleen maar hopen. Hopen dat de initiatiefnemers inzien dat hun centrum niet van veel ‘compassion’ en ‘respect for all’ getuigt. Dat het niet zal leiden tot veel ‘community cohesion’.

maandag 9 augustus 2010

Hooligans met stropdas (nrc.next 4 augustus 2010)

Vandaag maakt de KNVB bekend dat het dramatisch gesteld is met de Nederlandse voetbalclubs. Financieel wanbeleid heeft ertoe geleid dat ze dit jaar bij elkaar ongeveer 100 miljoen euro verlies gaan draaien. Voor twaalf clubs dreigt faillissement. Het Nederlandse voetbal heeft structureel boven zijn stand geleefd.

Want de voornaamste kostenpost op de begrotingen van de clubs zijn de salarissen van de spelers. En waarom spreken voetbalclubs dan salarissen af die ze niet kunnen betalen? Een gemiddeld clubbestuurder zal beweren dat ‘dat nu eenmaal de markt is’. Dat ze wel moeten, omdat ze anders de goede spelers mislopen en degraderen en nog meer verlies draaien.

Je kunt ook zeggen dat bestuurders van voetbalclubs eigenlijk stiekem gewoon hooligans zijn met dezelfde waas voor hun ogen alleen dan met een stropdas om. Type Dirk Scheringa. Type ‘living on the edge’. Bij het idee van volle stadions, Europees voetbal, landstitel, beker of iets anders dat blinkt, gaan de oogjes fonkelen. Bij het idee van ‘die sterspeler in ons shirt’ worden even alle rationele financiële overwegingen bijzaak. En de gemeente zal toch wel bijspringen, mocht die sterspeler niet genoeg scoren om het dreigende faillissement af te wenden? Zo’n prachtclub zullen ze toch niet failliet laten gaan?

En het ergste is: ze hebben gelijk. Elke gemeente streek wel één of twee of drie keer met de hand over het hart. Kerkrade stak 5,8 miljoen euro in Roda JC. Waalwijk schold RKC de schulden kwijt. En Vitesse kreeg van gemeente Arnhem al meerdere malen een laatste kans met in 2003 6,5 miljoen euro en twee jaar geleden nog eens 11,5 miljoen euro. Alleen in Haarlem en in Veendam weigerde de wethouders een reddingsactie. Verder werd elke wankelende club met belastinggeld gestut.

De aanpak van de KNVB is exemplarisch. Het deelt straffen uit in de vorm van puntenaftrek. Als dat werkt is het ultieme bewijs van incompetentie geleverd: alleen met competitieve sancties kunnen clubbestuurders gedwongen worden om een gedegen beleid te voeren. Nooit zouden deze mensen over ons belastinggeld moeten kunnen beschikken. Hoe groot hun hart voor de club ook is.

maandag 2 augustus 2010

Formatie 2010 (nrc.next 2.8.2010)

Het is dag 53 van de formatie en de weg naar het rechtse kabinet wordt opnieuw ingeslagen. Als er verder niets mis gaat zal er volgende week eindelijk inhoudelijk worden onderhandeld over een VVD-CDA minderheidskabinet met PVV gedoogsteun. Een kabinet dat bij uitstek slagvaardig de staatsschuld kan terugdringen en de Nederlandse economie uit het slop kan trekken door de overheidsuitgaven terug te dringen in plaats van de lasten te verzwaren. Ik vind het een absolute opluchting.

Op eigen houtje lieten VVD, CDA en PVV vrijdag aan de informateur weten dat een minderheidskabinet een optie was. Door het zegel van dat ‘staatsrechterlijk uiterst redmiddel’ te verbreken is de formatie eindelijk in de broodnodige stroomversnelling geraakt. Hoe lang zou het immers nog moeten duren voordat het Hare Majesteit zou behagen om eindelijk toe te staan minderheidskabinetten in overweging te nemen? Hoeveel persconferenties en informateurs zijn we dan verder?

Een minderheidskabinet is geen optimale, maar wel een elegante oplossing. In Denemarken zorgt zo’n gedoogd kabinet al 9 jaar voor een stabiele politieke situatie. De Deense volkspartij, een Deense PVV, die de gedoogsteun geeft heeft afgesproken met de twee regeringspartijen dat ze met een aantal cruciale punten uit het regeerakkoord zullen meestemmen in ruil voor strengere immigratie en integratie wetgeving.

Net als in Denemarken zal de PVV niet alle wetgeving gedogen. Maar dat is juist de charme van het minderheidskabinet. De regeerbaarheid van het land wordt verzekerd omdat enkele kernpunten worden vastgelegd in een akkoord op hoofdlijnen. Voor ander beleid moeten gelegenheidsmeerderheden worden gevonden in de kamer. Een minderheidskabinet betekent daarom per definitie dat de Tweede Kamer wordt versterkt in haar macht.

Er is echter veel kritiek op dit idee van een minderheidskabinet. Halsema noemt het onvoorstelbaar dat de VVD en CDA zich willen laten ‘gijzelen’ door de PVV. D66-voorman Pechtold wijst er op dat de informateur van de koningin alleen meerderheidskabinetten mocht onderzoeken. U hoort het goed: deze rasdemocraat vindt niet dat er naar een minderheidskabinet mag worden gekeken zolang onze monarch dat niet wenst.

En dan is er Cohen. Hij blijft hardnekkig hameren op meerderheidsopties zoals Paars plus plus CDA. Waarom hij denkt dat de onderhandelingen wel zullen slagen als het CDA aanschuift is onduidelijk. Eigenlijk zijn de denkpatronen van Cohen tijdens deze hele formatie al onduidelijk. Tijdens de verkiezingen was de afkeur van de PVV veruit het meest uitgesproken PvdA standpunt. De PVV moest ten alle tijden worden uitgesloten. De PVV schuurde tegen de rechtsstaat. Ter vergelijking: de PvdA vindt dat Israel met Hamas moet praten maar weigert zelf categorisch om ooit met de PVV om de tafel te gaan zitten. Toch is het Cohen die er, door zijn weigering om zelf met de VVD en CDA te onderhandelen, nu voor zorgt dat zijn grootste angstscenario werkelijkheid wordt: macht voor de PVV. Wilders heeft hem via Twitter al een bedankje gestuurd.

Dat de PVV zal profiteren van deze machtspositie zonder verantwoordelijkheid, is duidelijk. Wilders kan de schijn ophouden dat de PVV na het debacle in Den Haag toch heus wel regeringsverantwoordelijkheid durft te nemen, terwijl hij gewoon vanuit de oppositie kan blijven islam-bashen en hij geen ministers hoeft te leveren. Maar er is ook een andere kant. Deze gedoogsteun kan ook een nieuw hoofdstuk inluiden voor de PVV. Nu ze medeplichtig zijn aan het beleid zullen ze een deel van het protestimago moeten laten varen. De PVV-kiezer zal de klaagzang over ‘die Haagse politiek’ en ‘wat ze nu weer bedacht hebben’ moeten opgeven. Hun partij, hun Geert, stond erbij en keek ernaar.

stuffmuslimslike.com (nrc.next 28.7.2010)

Deze dagen vraag ik me af waar al onze allochtone buren nu zijn. Op onze Franse camping zijn ze in ieder geval niet. Hier loopt geen hoofddoek rond. Er is geen donkere huid te ontwaren tussen al die bakkende lichamen op het strand. Ze pompen geen luchtbedje op. Ze komen niet naar de bingo. Het enige Aziatische uiterlijk dat ik een keer tijdens de afwas tegenkwam is hoogstwaarschijnlijk geadopteerd. Ja, op onze camping waan je je in het pre-immigratie tijdperk.

Dat je geen zwarte mensen tegenkomt op een camping, wist ik al. Zwarte mensen houden niet van camperen. Dat had ik gelezen op de website www.stuffwhitepeoplelike.com. Onbetaalde stages, rugby, moleskin notebooks, dinner parties, Ray-Ban Wayfarers, het is allemaal voor blanken.

Dat de oudere allochtonen van Nederland andere manieren van recreatie hebben dan autochtone Nederlanders, wist ik ook al. Je kan mensen de taal leren. Je kan ze op schoolstoeltjes zetten in het buurthuis en uitleggen hoe ze hun afval moeten scheiden en waarom we stil zijn op 4 mei. Maar ze zullen nooit gaan camperen. Of zonnen op het strand. Of witbiertjes drinken op het terras.

Misschien is er tijdens mijn opvoeding onbewust een politiek correcte illusie geimplanteerd, maar ik was er ooit van overtuigd dat alle nationaliteiten en culturen van Nederland, ooit allemaal zouden samen vloeien in een krachtige generatie. Dat het een kwestie van tijd zou zijn voordat mijn beste vrienden net zo goed van Marokkaans of Turkse achtergrond zouden kunnen komen.

Maar het is niet zo. We vinden andere dingen leuk. Ik kom mijn oudere allochtone buren niet tegen deze zomer. Maar ik weet ook niet wat hun kleinkinderen leuk vinden om te doen. Die hippe, zelfstandige, kapitaalkrachtige generatie allochtonen wil toch niet meer elke zomer in een snikhete bus terug naar de familie in Turkije? Maar ze zijn ook niet op de camping, ze komen niet naar Loveland of Lowlands, ze zijn niet geinteresseerd in schattige Franse dorpjes. Of wijnproeverijen op kastelen.
Wat ze dan wel leuk vinden? Ik heb het nooit gevraagd. Misschien is het tijd voor een www.stuffmuslimslike.com. Ik zou het graag eens lezen.

Maurice (nrc.next 21.7.2010)

Geen greintje nuance, geen twijfel, geen blad voor de mond. Maurice de Hond peilt: als er nu verkiezingen zouden worden gehouden zou de PVV niet op 34, niet op 36, maar op 35 zetels uitkomen. Dat is 11 zetels meer dan de PVV kreeg. Het is 17 zetels meer dan de PVV in Maurice’ eigen peiling op de dag voor de verkiezingen haalde.

Naast de bewezen onbetrouwbaarheid is vooral de irrelevantie van het geheel stuitend. Er worden namelijk vandaag geen verkiezingen gehouden. Sterker nog, er worden het hele jaar geen verkiezingen meer gehouden. De geënquêteerden hebben hun kans gehad. Paars plus heeft een meerderheid. Of de VVD stemmer daar nou boos over is of niet.

Maar toch blijven we luisteren naar dit soort non-informatie. Net als in 2009: toen keken we ook met angst en beven naar dit soort peilingen waarin de PVV de grootste zou worden en Geert Wilders premier. Opiniemakers buitelden over elkaar om te getuigen van de teloorgang van de tolerantie achter de dijken. CEO’s vreesden voor de economie. Diplomaten waarschuwden voor de reputatie van een land met Geert als premier. Hele multiculturele wijken huiverden, bij het CDA werd er gebeden, bij de PvdA werd er gehuild en in de huizen met zonnecellen op het dak kroop men nog wat dichter tegen elkaar aan en zette de verwarming nog een graadje lager. De toekomst van Nederland was onzeker, alle peilingen wezen daarop.

En wat was het uiteindelijke resultaat? Net op dat ene cruciale moment, tijdens de verkiezingen, valt de PVV eventjes ver genoeg terug om door het CDA buitenspel te kunnen worden gezet. Een maand later staat de PVV weer op 35 zetels in de peilingen. En wéér zetten we dat op de voorpagina. Wéér is dat angstaanjagend genoeg om het over ‘de toestand in dit land’ te hebben.

Als er vandaag verkiezingen zouden worden gehouden… Als we vandaag de WK-finale mochten overspelen... Als ik vandaag nog een keer mocht kiezen of ik mijn spaargeld in Ijsland zou stallen... Als Maurice vandaag nog een keer de verkiezingsuitslag zou mogen voorspellen, had hij het waarschijnlijk goed gehad. Tja.

Open wonden tour (nrc.next 14.7.2010)

Mijn advies voor deze zomer? De NS open wonden tour. Een aanrader voor de avontuurlijke reiziger die van bouwputten en onnavolgbare omleidingen houdt.
De toer begint in Dordrecht. Dat station is de eerste onbegaanbare zandbak van de dag, De bussenterminal, de ingang en de hele stationsstraat zijn spoorloos verdwenen in de werkzaamheden. De reiziger moet even een jaartje geduld hebben, even een jaartje begrip gevraagd.

We nemen de sneltrein richting Amsterdam. U zult zien dat er bij elke halte wat te beleven is. Bouwplaats Rotterdam bijvoorbeeld. ‘Rotterdam krijgt een aantrekkelijk, dynamisch, goed functionerende openbaar vervoer terminal’. Onthoud dat. Onthoud dat als u dagelijks gebruik moet maken van deze provisorische halte ongemak. Het duurt slechts zes jaar en het resultaat is indrukwekkend. Beloofd. Tot dan toe: excuses voor de overlast.

Schiedam slaan we even over. Schiedam is pas gisteren begonnen met de ‘herinrichting van het stationsplein’. Het duurt nog een maand voordat ook daar het station is omgetoverd tot een volwaardig gapend gat.

De volgende halte is Delft. Delft is prachtig, maar nu even niet. Hier heeft de reiziger nog tot minstens 2012 zand in de schoenen. Op de website kun je alvast voorgenieten met sfeertekeningen waarop gezichtsloze vrouwen elegant tegen een paal hangen en spookachtige mannen worden voortgetrokken door dolenthousiaste kinderen. Tot dan toe kunt u in Delft ook bakken met geduld kwijt.

In Leiden probeert men al een aantal jaren de fietsenstallingen weg te werken. Maar voor echte ontwrichting moeten we naar Haarlem. In Haarlem snapt niemand meer waar de bussen zijn gebleven, of de taxi´s, of wat überhaupt de bedoeling is als je op Haarlem Centraal aankomt. Auto´s kunnen al sinds februari 2009 niet bij het station komen. In Haarlem raakt het geduld bijna op.

Maar dan de climax: Amsterdam. De koning van alle open wonden. Al sinds mensenheugenis één gapend gat. Hier vindt u werkelijk waar niets rond het station wat prettig, handig, overzichtelijk, of gewoon mooi is. Nog een aantal decennia uw begrip en uw geduld gevraagd, en uw vertrouwen. Datr het ooit mooi wordt. Dat er ooit ergens in de randstad een station af zal zijn.

woensdag 7 juli 2010

SWIFT (7 juli 2010, nrc.next)

Gelukkig is het Verdrag van Lissabon er. En gelukkig hebben we in Nederland niet eerst aan het volk gevraagd of het dat verdrag wel wilde.

Want de uitkomst van een referendum was zeer waarschijnlijk ‘nee’ geweest. ‘Nee’, omdat Turkije niet lid mag worden. ‘Nee’, omdat we eigenlijk niets van dat verdrag begrijpen. ‘Nee’, gewoon omdat het kan. Het werd ‘ja’ omdat het D66-kamervoorstel voor een referendum geen meerderheid kreeg. Het was een absolute overwinning voor de democratie.

Een voorbeeld zien we morgen. Dan stemt het Europees Parlement over het ‘Swift’-akkoord, over de uitwisseling van gegevens over banktransacties tussen Europa en de Verenigde Staten Dit akkoord is beter en strenger dan ooit. Eerdere versies maakten het mogelijk dat de VS te pas en te onpas informatie konden krijgen over Europese transacties. De VS vonden dat veilig en de Europese Commissie wel handig, omdat ze dan zelf geen veiligheidsanalyse hoefde uit te voeren. En ach, de VS had beloofd héééél voorzichtig te zijn met de privégegevens van de Europese burger. En je weet toch: als je niks te verbergen hebt...

De Commissie dacht begin dit jaar deze situatie stilzwijgend te kunnen verlengen. Maar dat bleek onmogelijk, in na het Europa van het Lissabon-verdrag. Er zit nu een Europees Parlement dat mag bijten. En het eerste wat het parlement kapotbeet was het eerdere Swift-ontwerp, dat inhield dat er nóg vijf jaar gemarchandeerd zou worden met onze privacy.

Het nieuwe voorstel is verre van perfect. Maar voor het eerst sinds 2001 wordt de toegang tot onze gegevens beperkt en gecontroleerd. Of, zoals europarlementariër Sophie in’t Veld (D66) uitlegt: Vroeger stuurden we de hooiberg, nu alleen de naald.

D66 gaat voorstemmen. Omdat ze inzien dat effectief privacy beschermen alleen lukt als je je niet te extreem opstelt. Wie altijd principieel tegen stemt, maakt zichzelf politiek irrelevant.

En datzelfde geldt voor het afgeketste referendum: Als dat extremistische democratiedenken van D66 een meerderheid had gekregen, hadden we nu nooit dat bijtende Europese parlement gehad. Wie effectief de democratie wil bevorderen moet soms het volk even de mond snoeren.